Boekje Open

‘Het is vanaf het begin echt van ons samen’: Illustrator Tirza Beekhuis over boeken maken met haar man

‘Het is vanaf het begin echt van ons samen’: Illustrator Tirza Beekhuis over boeken maken met haar man
Foto: Tirza Beekhuis

Als illustrator krijg je vaak een tekst die er al ligt. Misschien kun je nog wat schuiven, overleggen of voorstellen doen, maar het verhaal was er eerder dan jouw beelden. Bij Tirza Beekhuis gaat dat heel anders. Samen met haar man, auteur Nico Vriesema bedenkt en illustreert ze prentenboeken. Soms begint dat niet eens met een verhaal, maar gewoon met een dier waarvan ze allebei denken: daar willen we iets mee.

Dat samenwerken begon met een gok. Tirza en Nico deden mee aan een prentenboekenwedstrijd van Clavis. Ze wonnen niet, maar eindigden wel in de top tien en kwamen zo bij de uitgever op de radar. Inmiddels maakten ze samen onder meer Ever wil samen spelenScottieMaki’s zijn nooit moe!Maki’s doen het lekker toch en Hoppetee, Baduk!. En het volgende prentenboek komt deze maand uit: De beste jager van het bos, over de twee jonge lynxen Tibor en Tamas.

Juist omdat Tirza niet pas aanschuift als de tekst af is, kan ze veel meer invloed hebben op wat het verhaal uiteindelijk wordt. “Met andere schrijvers werk ik ook heel fijn. Alleen is de tekst dan vaak al klaar en kom ik er later bij. Met Nico is het vanaf het begin heel erg ons prentenboek.”

Mooie kapstok

Dieren waren niet vanaf het begin Tirza’s vaste hoofdpersonen. Eerst tekende ze veel mensen, daarna kwamen de dieren met menselijke trekjes en langzaam schoof haar interesse steeds verder richting het echte beest.

Voor Scottie belandde zo een Schotse hooglander op haar tekentafel. Niet als verkapt mens met een vacht en hoorns, maar als dier dat ook echt iets van een Schotse hooglander moest houden. Daar kwam iets bij waar Tirza veel plezier in bleek te hebben: uitzoeken hoe zo’n dier leeft, beweegt en in welke omgeving het thuishoort.

“Dat research doen vind ik, samen met Nico, een heel leuk onderdeel. Zo’n dier is voor mij een mooie kapstok. Ik kan er veel meer inspiratie uit halen.”

Voor Hoppetee, Baduk! werd dat bijvoorbeeld de Maleise tapir. Vanuit het dier ging de zoektocht verder naar zijn leefomgeving en uiteindelijk ook naar Maleise batik, die een inspiratiebron werd voor de illustraties.

Wat een dieren!

Voor De beste jager van het bos hoefden Tirza en Nico niet lang naar een geschikt dier te zoeken. Tijdens een vakantie in Oostenrijk bezochten ze een wildpark waar twee jonge lynxen waren geboren. Aan het einde van de dag zagen ze hoe de dieren werden gevangen voor een inenting.

Eerst deden de twee welpen nog denken aan hun eigen rode kat: klein en schattig. Tot iemand ze probeerde te vangen.

“Opeens waren het echt wilde dieren. Ze renden ontzettend hard en werden woest als er eentje gevangen werd. We dachten meteen: wat een dieren!”

Precies die tegenstelling bleef hangen. Want hoe schattig zo’n jonge lynx er ook uitziet, het blijft een roofdier. Zo ontstonden Tibor en Tamas, die in het nieuwe boek graag willen bewijzen dat hij kan jagen.

“Ik ben gek op stoere dieren.”

Daarmee lag meteen een interessant probleem op tafel. Hoe maak je voor jonge kinderen een verhaal over een dier dat andere dieren opeet, zonder te doen alsof de natuur anders in elkaar zit? Een vegetarische lynx was geen optie, maar een gedode prooi prominent in beeld hoefde ook niet. De oplossing paste bij het echte dier: de jacht mislukt. Uit de research wisten Tirza en Nico dat een lynx lang niet bij iedere poging iets vangt en vaak een deel van zijn prooi bewaart voor een volgende dag.

Kleine tekeningen

In de gezamenlijke werkkamer van Tirza en Nico lopen schrijven en tekenen door elkaar. Terwijl Nico schrijft, verschijnt er naast hem al een grof storyboard vol kleine tekeningen. En dan kan er zomaar een stuk tekst sneuvelen.

Storyboard: Tirza Beekhuis

Als Tirza ziet dat ze iets net zo goed kan tekenen, markeert ze die passage. Soms valt in het storyboard op dat de personages al erg lang op dezelfde plek blijven hangen. Dat soort dingen overlegt ze dan direct met Nico.

“Dan denk ik: dit wordt indrukwekkend, dit moet een hele spread worden.”

Het beeld volgt de tekst dus niet alleen, het kan het verhaal ook veranderen. Dat werkt mede goed doordat Nico zelf ook een beeldende achtergrond heeft. Ze leerden elkaar kennen op de kunstacademie en hij begrijpt waarom Tirza vanuit haar illustraties aan het verhaal wil schuiven.

Samen aan één boek werken betekent natuurlijk ook dat je iets van elkaars werk gaat vinden.

“We hebben er ook weleens irritaties over, maar we komen er altijd uit.”

Na meerdere boeken weten ze vooral beter wanneer feedback welkom is. Als er al dagen werk in een illustratie zit, is dat niet het ideale moment voor een opmerking die bij de eerste schets veel handiger was geweest. Andersom heeft Nico soms eerst ruimte nodig om zelf aan een tekst te schaven. De afspraak is uiteindelijk helder: Nico heeft het laatste woord over zijn tekst, Tirza over haar illustraties.

Eerst een beetje klooien

Naast het storyboard verschijnen al snel de materiaalproeven. Een vaste formule van ‘dit werkte bij het vorige boek, dus zo doe ik het weer’ heeft Tirza niet. Liever zoekt ze per verhaal opnieuw uit wat erbij past: hetzelfde onderwerp op verschillende manieren tekenen, materialen combineren en kijken wat er gebeurt.

“Eerst is het een beetje klooien. Op een gegeven moment valt het bij elkaar en denk ik: dit gaat de mooie kant op.”

Zelf kan Tirza vervolgens het gevoel hebben dat haar werk door een nieuwe techniek totaal veranderd is, terwijl anderen vooral haar eigen handschrift blijven herkennen.

Materiaalschetsen. Foto: Tirza Beekhuis

Een paar geslaagde proeven kunnen daarna mee naar de uitgever. Omdat Tirza en Nico inmiddels vaker met Clavis hebben gewerkt, hoeft ze niet eerst meerdere volledig afgewerkte illustraties te laten zien. Bij een uitgever die haar werk nog niet kent, zou ze dat wel doen. Haar advies aan illustratoren die voor het eerst met een eigen prentenboekplan aankloppen: laat ongeveer drie volledige platen zien. Dan wordt veel duidelijker waar je naartoe wilt.

Op pad met je storyboard

Een lynx bedenken is één ding, er vervolgens ook een boek van mogen maken is iets anders. Tirza en Nico komen zelf met hun plannen en moeten dus iedere keer afwachten of Clavis er ook een boek in ziet.

Het liefst pitchen ze live in Hasselt. Het concept gaat mee, net als het storyboard en de materiaalproeven. Vervolgens gaat de uitgever tegenover je zitten en begint je plan te lezen.

“Dat vind ik echt een heel spannend moment. Dan probeer je te interpreteren wat iemand ervan vindt. Je hoort instemmende geluidjes, of juist niet. Dat blijft echt even een ding.”

Intuïtiever

Bij haar eerste boeken werkte Tirza schetsen uitgebreider uit en wachtte ze vaker op een reactie voordat de volgende stap kwam. Nu is dat minder nodig.

“Ik vind het lekker om niet de hele tijd te wachten op een reactie. Anders voelt het alsof het meteen helemaal perfect moet. Dat vind ik beklemmend.”

Storyboarden en schetsen is voor Tirza vooral nadenken: wat moet waar, wat vertel je met beeld en welke informatie heeft de tekst nog nodig? Zodra die puzzel in elkaar past, kan ik lekker aan de slag met uitwerken.”

“Dan ben ik niet meer zo in mijn hoofd bezig. Het wordt intuïtiever. Langzaam komt er een hele wereld en dan zit ik in mijn flow.”

Oker en kobaltblauw

Voor De beste jager van het bos moest die wereld voelen als een bos aan het einde van de zomer en het begin van de herfst. Warm licht tussen de bomen, goudgele stukken, maar ook genoeg donkerte om Tibor door het bos te laten sluipen.

Tirza werkt altijd op aquarelpapier en begon de tekeningen in dit boek met veel water en gele en okerkleurige inktvlekken. Die vormen een vlekkerige ondergrond die later tussen de andere lagen zichtbaar blijft. Daaroverheen komen aquarel en inkt, maskeervloeistof om delen vrij te houden, Neocolor-krijt voor een andere structuur en soms gouache voor een dekkende laag.

Kleurenpalet. Foto: Tirza Beekhuis

In dit boek zul je geen zwart tegenkomen: voor de donkere stukken koos Tirza kobaltblauw. Dat blauw tegenover de gouden en okergele tinten geeft het bos precies de tegenstelling waar ze naar zocht. Haar eerdere materiaalproeven helpen daarbij: niet om letterlijk na te schilderen, maar om vooraf al te weten welke kleuren en materialen goed samen werken.

Lekkerder in de materialen

De omslag bewaart Tirza liever tot er al een aantal spreads liggen. Tegen die tijd kent ze haar personage beter, weet ze hoe de wereld van het boek eruitziet en zit ze lekkerder in haar materialen.

Juist die omslag blijkt vervolgens het onderdeel waar de meeste mails over heen en weer gaan. Niet alleen de uitgever kijkt mee, ook de marketingafdeling heeft wensen.

“Dat vind ik soms irritant, al weet ik dat zij daar verstand van hebben. Gevoelsmatig vind ik de omslag het lastigste. Daar doe ik de meeste concessies.”

Een schrijver aan de andere kant van de keukentafel klinkt behoorlijk praktisch, maar dat is niet de reden dat Tirza met Nico boeken wil blijven maken. Het werkt vooral omdat ze nieuwsgierig worden van dezelfde onderwerpen.

Tussendoor zou ze best weer eens een boek van een andere schrijver willen illustreren. Maar voor nu werkt het samenwerking heel goed. Al zijn er natuurlijk grenzen:

“Stel je voor dat hij alleen maar boeken over voertuigen zou willen maken. Dan ga ik dat echt niet allemaal zitten tekenen.”

De beste jager van het bos van Nico Vriesema en Tirza Beekhuis binnenkort bij Clavis.

Wil je meer zien van Tirza? Kijk dan op haar website of Instagram. Ze is ook te gast geweest in de podcast. Deze aflevering kun je hier terugluisteren.

Spread: De beste jager van het bos. Tirza Beekhuis
Cover: De beste jager van het bos. Tirza Beekhuis

Laat een reactie achter

Reacties verschijnen na korte controle. Geen account nodig.